Blogberichten

STRESS IN HET KLASLOKAAL

burnout leerkracht

Stress in de klas is besmettelijk, zo blijkt uit onderzoek (Social Science & Medicine, juni 2016). Het kan het gevolg zijn van een gebrek aan steun van de leerkracht, waardoor deze onvoldoende tegemoet kan komen aan de behoeften van de leerlingen. Met een gestreste klas als gevolg. Andersom kan ook. Een lastige, drukke klas kan de leerkracht stressklachten bezorgen, die daardoor minder dan anders in staat is om de leerlingen te bieden wat zij nodig hebben.

Bij een leerkracht die ik heb begeleid speelden beide kanten. Een combinatiegroep 6/7 die al vanaf de kleutergroep bekend stond als lastig: veel onrust, rumoer en geruzie. En een leerkracht die zich niet gesteund voelde door de directie. Een pittige combinatie!

Bij onze eerste kennismaking tref ik een ervaren, kundige, betrokken maar uitgeputte leerkracht aan voor een groep die volstrekt z’n eigen gang gaat. Een leerkracht die harder aan het werk is dan de hele groep bij elkaar. Een leerkracht die veel geeft, en weinig ontvangt.

Opbouwen emotionele verbinding

Deze slopende balans buigen we stapsgewijs om. Haar eerste werkpunt is om te wachten op en het herkennen en benoemen van (kleine) goede initiatieven van leerlingen, waardoor zij zich gezien en gehoord voelen. En om – nu komt het! – te wachten op en kijken naar wat het benoemen doet met het kind/de groep: “dat heb JIJ ze namelijk gegeven. Geniet daarvan! En laat dat merken met een lach. Dat zorgt voor ontspanning bij jou en de klas. Hiermee werk je aan het opbouwen van een emotionele verbinding met de klas”.

Helpend hierbij is de metafoor van de koekjestrommel. Zorg dat jouw interne koekjestrommel altijd voldoende gevuld is, zodat je er koekjes uit kunt halen als het lastig wordt. Je hebt dan zelf een lekker voldaan gevoel, en door koekjes uit te delen kan je de klas dat voldane gevoel ook geven. Dan ontstaat een goede leersfeer. Je vult je interne koekjestrommel door er koekjes in te stoppen op alle kleine momenten waaraan je plezier kunt beleven.

De beelden van de tweede filmsessie spreken voor zich. Er is contact, warmte, plezier, humor, en er wordt niet alleen door de leerkracht hard gewerkt maar ook door de groep.

Groter maken

De volgende stap in het contact maken met de klas is het wat groter maken van haarzelf. Actief rondkijken of de kinderen er nog bij zijn. Benoemen van wat er gebeurt. En ook haar eigen gedachten of initiatieven benoemen. Bijvoorbeeld, als ze zoekt tussen haar spullen: “even kijken hoor, ja ik heb het gevonden”. In Marte Meo taal noemen we dat centrale focus: de kinderen zijn dan met hun aandacht daar waar jij wilt dat ze zijn.

Ook de beelden van de derde filmsessie blijken ontroerend, een groot contrast met de uitgangssituatie. De leerkracht geniet, en de kinderen zien dat. Ze heeft oog voor de minder luidruchtige kinderen. Er is contact met en rust in de groep. En de aandacht van de kinderen is daar waar zij wil dat die is.

Beurten maken

We maken nog één stap. Haar laatste werkpunt is het op gang brengen van de dialoog, door met de groep beurten te maken over het zelfde onderwerp. “Wat vind jij van die vraag? Waar denk jij nu aan? Hoe zie jij dat? Ik zie jou denken…“. Hiermee nodig je kinderen op een positieve manier uit om bij de les te blijven. Dit is nog steeds onderdeel van “centrale focus”. Met een goede centrale focus zijn de kinderen bij jou als leerkracht in plaats van bij andere zaken.

Samenvattend hebben we eerst gewerkt aan ‘contact’, en daarna aan ‘contract’ met de klas. Een emotionele verbinding is namelijk voorwaardelijk voor het toelaten van leiding. Dit is haar prachtig gelukt. Positieve besmetting bestaat ook…

Overigens is erkenning en steun vanuit het management er ook gekomen: het is niet meer alleen haar probleem.

Burn-out docent ‘besmet’ leerlingen met stress 

Sociale media delen:

Comments are closed.